donderdag 22 januari 2015

MATER/MATRIX is af. Tijd om de boel te fotograferen. En tijd voor reflexie.

Deze week is de Matrix-trilogie op tv, waar van eigenlijk alleen de eerste film inhoudelijk interessant is; de special effects boeien mij niet. Natuurlijk heeft mijn interactieve installatie MATER/MATRIX ook te maken met de filosofie achter die film: van welke aard is de werkelijkheid die wij ervaren? Of, met woorden uit de film: "What is happening to me?" "The answer is out there, Neo. It is the question that drives us." 

Die "question" stel ik in MATER/MATRIX aan de hand van het meest concrete, meest voor de hand liggende gegeven, basis van ons bestaan, dat daarbij echter omgeven is met de meeste symboliek, de rijkste mythologie en andere vormen van perceptie: de moeder.




Misschien wel het mooiste gedicht uit de Nederlandse literatuurgeschiedenis is, wat mij betreft, HERKENNING van Gerard Reve: de magistrale regels waarmee hij zijn Brief Uit Het Huis Genaamd Het Gras afsluit (Nader tot U, 1966): 

Nu weet ik, wie gij zijt,
de Jongen die ik eenzaam zag te Woudsend en daarna,
nog op dezelfde dag, in een café te Heeg.
Ik hoor mijn Moeders stem.
O Dood, die waarheid zijt: nader tot U.

In een handvol regels, een eenvoudig beeld, worden hier de grote thema's van het menszijn aangestipt: erotiek en dood, verbondenheid en eenzaamheid, jeugd en volwassen worden, kortom: individuatie, om maar eens een term van Carl-Gustav Jung te gebruiken. En daarmee is de verbinding gelegd met een heel sterke herinnering aan een persoonlijke ervaring meer dan veertig jaar geleden, die van doorslaggevende betekenis was voor mijn eigen individuatie. Met respect kies ik die regel 'Ik hoor mijn Moeders stem' tot motto voor MATER/MATRIX.









maandag 29 december 2014

Leuk! Op de terugweg na de kerstdagen in Haarlem sprak ik, een kwartiertje maar, op perron 10a van Amsterdam CS een kunstenaar. Hij gaf me zijn kaartje. Ik gaf hem de url van mijn online-portfolio. En vandaag kwam er een mailtje met een reactie:

Dag Wouter,
Mooi werk. Het heeft een sterk alchemistisch en symbolisch karakter.
Bovendien kan je zien dat je je concepten uitstekend weet uit te dragen met een perfecte materiaal beheersing.
Groet, Theo

Hè, dat heb ik af en toe effe nodig: belangeloze bevestiging van iemand die weet waar-ie 't over heeft!

Maar mijn twijfels en onzekerheid blijven. Wat zegt hij allemaal niet? En waaróm zegt hij dat niet? Maar misschien is er echt helemaal verder niks over te zeggen...

KUNST AAN HUIS 2015

Er blijken nogal wat mensen op dit weblog een antwoord te zoeken op de vraag of ik in 2015 meedoe aan KUNST AAN HUIS, de open-atelierroute Lauwersland. Neen. Het ritselt hier van de kunstenaars, en iedereen wil een kans op deelname, dus dit jaar ruimte voor anderen. Misschien doe ik volgend jaar, of het jaar daarop weer mee.

Katje Berkenbosch doet wel mee. De vrouw met wie ik een aantal jaren heb samengewerkt. Wie haar werk ziet en mijn werk kent snapt waarom we niet langer samenwerken. Ik wens haar veel succes.

Ondertussen hoeven liefhebbers niet op een houtje te bijten: binnenkort stel ik mijn expositieruimte wekelijks open voor het publiek. Hou de FaceBook pagina in de gaten: https://www.facebook.com/studiotruenorth

dinsdag 16 december 2014

Voor mijn reflectie op de overzichtstentoonstelling van het werk van Mark Rothko, in het Haags Gemeentemuseum, scroll naar beneden naar 7 november 2014.

zaterdag 6 december 2014

Louis Beyens DE GRAANGODIN 2004

(p.224) De jager-verzamelaar begreep zeer goed dat de vrouw, maar ook de wijfjesdieren, een essentiële rol speelde in het in stand houden van de bevolking op de aarde. Wellicht waren de paleolithische venusbeeldjes tot op zekere hoogte een neerslag van deze vrouwelijke kracht. Tot op zekere hoogte want over de betekenis van de venusbeelden zijn de onderzoekers het verre van eens. Deze beeldjes werden lang beschouwd als loutere sekssymbolen. (…) Ze moesten evenwel niet noodzakelijk verwijzen naar het erotische of het seksuele genot. Het ging trouwens ook niet om de voorstelling van één bepaalde vrouw, want deze venusbeeldjes waren anoniem, ze hebben wel een hoofd maar meestal geen gezicht. Prehistorische kunst is immers nooit of zelden anekdotisch maar wel exemplarisch. Een andere denkpiste exploreerde eerder of er geen verband zou kunnen zijn tussen de uitgesproken seksuele geaardheid van de venusbeeldjes en het idee vruchtbaarheid en bevalling. Toch ging de antropoloog Richard Rudgley nog een stapje verder. Hij sloot zich aan bij de visie van Alexander Marshack die zich gewijd heeft aan de studie van de Venus van Willendorf. Deze onderzoeker meende dat ‘de vrouwelijke beeltenis een symbool en metafoor was met een veelvoud aan betekenissen. […] De Venus van Willendorf was in haar cultuur en tijdperk, niet in het onze, duidelijk behangen met afleidingen en betekenissen. Ze was in feite een naslagwerk en een veelbetekenend veelzijdig symbool.’ Het beeld was dus van nature méérzinnig, hetgeen net de kracht is van de beeldspraak, die niet verplicht tot één enkele interpretatie.

(p.234) De rijkdom aan Moedergodinnen te Çatal Hüyük heeft recent op een aantal feministische genootschappen gewerkt als een magneet. Een dominerende godin die garant stond voor vruchtbaarheid, die het wilde beheerste, die over vrede waakte. Helaas werd maar al te vlug vergeten dat het rode oog van de stier nooit veraf was.




Er was die avond een heel mooie samenstand van de wassende maan en Mars. Op het hoogtepunt stond Mars minder dan 1 maandiameter van de maan af. De foto heb ik gemaakt door een Sony Cyber-shot DSC-W17 digitale compactcamera los voor het oculair van een Meade ETX-70 telescoop te houden. Na meerdere pogingen had ik een paar scherpe foto's, waaronder deze. De foto is daarna wel bewerkt. De kleuren zijn wat minder sterk gemaakt om een blauwe rand om de maan weg te poetsen. Die blauwe rand is mogelijk veroorzaakt door chromatische aberratie. Tevens heb ik voor Mars de helderheid en het contrast verhoogd om zoveel mogelijk de werkelijkheid qua helderheid te benaderen. Het beeld dat zo ontstond, kon ik destijds met eigen ogen zien. 


Raymond Westheim
6 maart 2006 

http://www.sterrenwachthalley.nl/verslagen/verslagen2006/maanfotos.html

dinsdag 25 november 2014

uit: Karen Armstrong MYTHEN 2005


(p. 35) … de Griekse godin Artemis, die de Meesteres der Dieren werd genoemd, een jageres en de schutsgodin van de wilde natuur, is misschien een personage uit het Paleolithicum.
Jagen was een exclusief mannelijke bezigheid en toch was een van de machtigste jagers uit de paleolithische periode een vrouw. In Afrika, Europa en het Midden-Oosten zijn beeldjes gevonden van zwangere vrouwen, waarvan de oudste uit het Paleolithicum dateren. Artemis is eenvoudig een belichaming van de Grote Godin, een geduchte godin die niet alleen de Meesteres der Dieren was, maar ook de bron van het leven. Toch is ze geen voedende oermoeder, maar is ze onverbiddelijk, wraakzuchtig en veeleisend. Artemis is berucht omdat ze offers en bloed eist als er inbreuk wordt gemaakt op de rituelen van de jacht. Ook deze ontzagwekkende godin heeft het Paleolithicum overleeft. Zo hebben archeologen in Çatal Hüyük, een stad in Turkije die in 7000 of 6000 v.C. is gebouwd, grote stenen reliëfs van de barende godin opgegraven. Soms wordt ze geflankeerd door dieren, stierenhoorns of berenschedels – trofeeën van een geslaagde jacht en ook symbolen van mannelijkheid.
(p.41) De ‘Neolithische Revolutie’ heeft de mens bewust gemaakt van een creatieve energie waarvan de hele kosmos was doortrokken. Aanvankelijk was het een ongedifferentieerde heilige kracht, zodat de aarde zelf een manifestatie van het goddelijke was. Maar de mythische verbeelding wordt altijd concreter en gedetailleerder: wat in eerste verbeelding amorf was, krijgt vorm en wordt specifiek. Net zoals de aanbidding van de hemel tot de personificatie van de Hemelgod had geleid, werd de moederlijke, voedende aarde de Moedergodin. In Syrië werd ze Asherah genoemd, de vrouw van El de Oppergod, of Anat, de dochter van El; in Sumer in Mesopotamië heette ze Inanna, in Egypte Isis, en in Griekenland werd ze Hera, Demeter en Aphrodite. De Moedergodin smolt samen met de Grote Moeder van de jagersgemeenschappen en behield veel van haar angstwekkende eigenschappen. Zo is Anat een meedogenloze strijdster die vaak wadend door een zee van bloed wordt afgebeeld; Demeter wordt als woest en wraakzuchtig beschreven, en zelfs Aphrodite, de godin van de liefde, neemt genadeloos wraak.



vrijdag 14 november 2014

Inmiddels weet ik waar die monnik vandaan komt, die ik associeerde met (het werk van) Mark Rothko; zie 7 november '14. Die komt uit een boek dat mij al mijn halve leven begeleidt, troost, uitdaagt, beschaamt, tot melancholie stemt en, ik herhaal het bewust: troost. Rondom het dierenpark. Abdij-journaal door Michel van Nieuwstad (SUN, Nijmegen 1991). Het is het dagboek van een man in crisis die, na een mislukte zelfmoordpoging, zichzelf terugvindt in abdij De Slangenburg achter Doetinchem, alwaar hij zichzelf gedurende langere tijd ernstig afvraagt of hij zich niet als Benedictijner monnik voorgoed aan deze gemeenschap moet/kan verbinden. Bladzijde 88-89:

"Mooi is dat de abt, alsof het daarbij gaat om iets dat met de contingentie van mijn persoon niets te maken heeft, het feit van zo'n nieuw-geroepene zo genereus accepteert: misschien bijna als een boer die oogst, of met de berekening plus dankbaarheid van een vader die er zomaar een vreemde snuiter als zoon bij krijgt. Hij vraagt hoe ik het vind om te bidden. Ondanks de naar het Hogere zwemende inhoud van een gesprek dat over God, roeping, gebed gaat, blijft het in z'n geheel iets monters en relativerends houden: ik antwoord maar dat ik het erg moeilijk vind, ook al snijden de psalmteksten me soms dwars door de ziel. Hij vertelt van een Franse monnik, die gevraagd naar wat hij toch steeds in de kapel zat te doen, antwoordde: je le regarde, il me regarde, welke laatste woorden niet eens terugkijken inhouden. Ik kijk naar hem, hij kijkt naar mij."