Posts tonen met het label persoonlijk. Alle posts tonen
Posts tonen met het label persoonlijk. Alle posts tonen

zondag 13 mei 2018

maandag 29 december 2014

Leuk! Op de terugweg na de kerstdagen in Haarlem sprak ik, een kwartiertje maar, op perron 10a van Amsterdam CS een kunstenaar. Hij gaf me zijn kaartje. Ik gaf hem de url van mijn online-portfolio. En vandaag kwam er een mailtje met een reactie:

Dag Wouter,
Mooi werk. Het heeft een sterk alchemistisch en symbolisch karakter.
Bovendien kan je zien dat je je concepten uitstekend weet uit te dragen met een perfecte materiaal beheersing.
Groet, Theo

Hè, dat heb ik af en toe effe nodig: belangeloze bevestiging van iemand die weet waar-ie 't over heeft!

Maar mijn twijfels en onzekerheid blijven. Wat zegt hij allemaal niet? En waaróm zegt hij dat niet? Maar misschien is er echt helemaal verder niks over te zeggen...

zaterdag 21 december 2013

Eind van het jaar, tijd om terug te blikken. Niet noodzakelijkerwijs op slechts het afgelopen jaar - per slot van rekening hebben ontwikkelingen een langere adem.

Ik voel me thuis in dit huis. Dat was een jaar geleden wel anders. Stijf van de stress, na een driedubbele verhuizing voorafgegaan door het organiseren van een dorpsfeest, lag ik hier de eerste weken nachtenlang op het randje van de slaap, de oren gespitst op elk onbekend geluid dat onraad kon betekenen. Geritsel, gekraak, een bonk. Mijn geest had zich nog lang niet om dit enorme pand kunnen vouwen, veel ruimtes, hoeken en gaten vielen buiten mijn controle - voor mijn gevoel tenminste. En als er dan een steenmarter donderjaagt over de dakspanten en achter het plafond (terwijl je niet weet dat het zo'n beest is), dan zit je om de haverklap rechtovereind in bed. Inbrekers? Instortende muur? Omvallende schoorsteen?

Het riep primordiale angsten in me op. Als ik ooit dement wordt, komen -vrees ik- die angsten weer de kop opsteken. Niet te veel bij stil staan. Die periode is nu voorbij. Het huis heeft de zware herfststormen goed doorstaan. En áls zo'n hoge boom van het kerkhof door mijn schuurdak valt, heeft de Hervormde gemeente van Paesens een daverende schadeclaim te verwachten. Ik ben overigens verzekerd.

Ik voel me thuis in Friesland, nu, na bijna tien jaar. En hierover ben ik minder gerust. Het betekent namelijk ook dat de spanning uit deze vrijwillige ballingschap weg is. Die spanning heeft de afgelopen jaren als een motortje gewerkt dat mij aan de gang hield, me heeft aangejaagd, en waardoor ik ook af en toe zelfs uit de bocht dreigde te vliegen. Ik moet opnieuw op zoek naar het putje waaruit ik kan scheppen.

De projecten HOMUNCULUS en VIDE/VOID hebben me veel inzicht, en zelfs een expositie in Groningen opgeleverd. HOMUNCULUS had ik nodig om los te komen van de samenwerking met Katja Berkenbosch (terugdenkend aan die desastreus verlopen expositie in het Glazen Huis in 2011), een samenwerking waar ik bergen tijd en energie heb gestoken, maar waar niets voor terugkwam. Integendeel: ik werd erdoor van mezelf vervreemd, en moest opnieuw uitvinden hoe ik me verhoud tot de materie. Dat heeft tot verdieping geleid, gelukkig.

Met VIDE/VOID heb ik zoiets als een mijlpaal bereikt, wellicht zelfs een eindpunt. Ik weet nog niet hoe ik vanaf hier verder ga, al heb ik wel wat ideetjes. Duidelijk is wel dat nu een periode van consolideren is aangebroken. Dat ik beeldend kunstenaar ben is nu wel duidelijk, met name ook omdat galerie Forma Aktua in Groningen me eigener beweging heeft gevraagd de serie HOMUNCULUS te komen exposeren, en dat doen ze niet zomaar! 

Mijn eigen expositieruimte gaat in maart functioneren voor een breder publiek, tijdens de Kunst-aan-huis open-atelierroute Lauwersland. Wat ik daarna met die ruimte ga doen weet ik nog niet: alleen eigen werk uitstallen, of ook werk van anderen en dan meer aan de weg timmeren met publiciteit en zo.

Er blijven nog wel wat vragen en twijfels hangen. De komende tijd vul ik deze overwegingen wellicht nog aan.

donderdag 11 juli 2013

Ik heb een mens zien sterven.

"...tiefer, tiefer Einsamkeit."

zondag 5 mei 2013

Volgens mij is het van het grootste belang om op tijd op te houden met bestaan.

woensdag 30 januari 2013

De sneeuw is gesmolten, maar de winter weet van geen wijken. In het grote atelier ( de inpandige schuur) is het nu veel te koud om te werken, ondanks het rieten beschot dat temperaturen beneden nul voorkomt, maar er is geen verwarming. Daarom is het atelier nog steeds niet ingericht, en fungeert de schuur nu als opslagruimte van, onder andere, nog heel wat onuitgepakte verhuisdozen. Gelukkig is het kleine atelier wel verwarmd, dus daar zit ik nu regelmatig kleine klusjes uit te voeren.

Zo heeft een kleischetsje de verhuizing niet zonder schade overleefd: het hoofdje is er af. Dat is zo hersteld: houtlijm mag in geen atelier ontbreken. Lastiger is het vervangen van een ei van HOMUNCULUS 2447398.760417 dat kapot gevallen is. Ik  heb opnieuw eieren uitgeblazen (drie, om wat reserve te hebben), en die wil ik nu vanbinnenuit verstevigen door er met een dikke injectienaald een kunstharsdispensie in te spuiten. Daarna moet ik op zoek naar dat boormachientje met die minuscule boortjes, om er kleine gaatjes in te boren waar de scherpgeslepen punten van vier stukken lasdraad in passen, zodat het ei er stevig op zit. Maar als de werkster komt leg ik het eitje voortaan toch maar liever op een veilige plek! Nou vraag ik me af in welke verhuisdoos dat boormachientje terecht is gekomen...

Dat kleischetsje brengt herinneringen boven. Het is één van de twee schetsjes van de zoon van Ingrid Pijl, de kunstenares bij wie ik lessen portret- en modelboetseren heb gevolgd. Dat was in Ingrids atelier: een oud klaslokaal aan de Stadhouders-kade in Amsterdam. Daar heb ik heel wat donderdagavonden gezeten , met nog een paar cursisten, en in het midden van de kring een model dat daarvoor betaald werd. Die avond moest het model wat eerder weg, dus vroeg Ingrid haar zoon of die even een halfuurtje wilden 'zitten'. Onbetaald natuurlijk. Dat wilde hij niet: hij wilde stad in met z'n vrienden. Maar hij moest: moeders wil was wet! Je ziet zijn verveelde, beetje geïrriteerde stemming in de houding van het beeldje terug.

En dat brengt weer een andere herinnering bij me boven, uit dezelfde setting. Ons model was Stef, een jonge man met Indonesische trekken. Hij zat in het midden op z'n kruk, en wij er in een kring omheen, achter onze boetseerbokken. Daartussendoor loopt dan de kunstenares die ons aanwijzingen geeft en zonodig corrigeert. Af en toe kreeg Stef van haar de opdracht een klein stukje te draaien, zodat alle cursisten zijn 'kop' van alle kanten konden bestuderen. Op een gegeven moment draait Stef zich weer en krijgt mijn werkstukje in zicht. "Wout!" roept hij spontaan, "het lijkt wel of ik in de spiegel kijk!" Ik probeer mijn trots te verbergen door mee te doen aan de algemene lachbui, maar toch... 
"Jaha," komt Ingrid de pret verstoren, "jij pikt heel goed op wat Stef uitstraalt, Wout. Maar nu gaan we écht aan het werk!" Dan grist ze mijn miretje uit mijn hand en begint te snijden en te kerven in de was, om me te laten zien wat er allemaal níet deugt aan mijn werkstuk... 

Inspiratie én techniek, en daar altijd aan blijven werken en verbeteren, daar gaat het om. 
Jammer dat ik hier geen foto kan laten zien van dat 'koppie' van Stef. Dat moet nog wel ergens liggen, maar in welke verhuisdoos...?

donderdag 4 oktober 2012

"Niet alleen je werkruimte is je atelier - je state of mind, je state of being zelfs, zijn 't nog veel meer!" schreef ik op 1 juli 2012. Ik was toen bezig met de eventuele aankoop van een huis met atelierruimte - een hele kleine atelierruimte om eerlijk de waarheid te zeggen, nauwelijks groter dan wat ik had (en nu nog even heb). "Het atelier stopt niet bij de drempel, het loopt door... het land daarachter, ver voorbij de horizon." was ik van plan daar in het vensterglas te graveren. Alles om me er aan te blijven herinneren dat je denkruimte, je gevoels- en belevingsruimte je werkelijke werkruimte zijn. Maar ook om mezelf te verzoenen met een concrete werkruimte die niet veel voorstelde.

Nu is dat niet meer nodig. Nog even en ik heb de beschikking over een atelier dat minstens vier keer zo groot is als wat ik nu heb! Mét nog een kleinere werkruimte ernaast. Morgen ga ik de sleutel halen van mijn nieuwe huis, dat op een heel andere plek staat. Nóg noordelijker...



Maar het blijft natuurlijk waar, wat ik afgelopen zomer schreef. Hoe groot en goed geoutilleerd je atelier ook is - het gaat om je manier van kijken, je manier van denken en voelen, de manier waarop je ruimte (zowel innerlijke als uiterlijke) beleeft. De manier waarop je in het leven staat, dat is de basis. En die basis heb ik, mag ik nu na zoveel jaar eindelijk wel zeggen, geloof ik.

KunstKantoor 2012 is ontruimd. De andere twee HOMUNCULI, nr. 2450820.833333 en nr. 2451362.958333 heb ik ook maar in mijn portfolio opgenomen, naast die met dat ei. Ook die twee hebben hun functie in het geheel, en zó slecht zien ze er nu ook weer niet uit!

woensdag 26 september 2012

Na de eerste herfststorm van dit jaar heerst er stilte. Even een paar dagen rust. De expositie ZomerKunstKantoor in Dokkum loopt op z'n eind. We moeten het gewoon toegeven: op de openingsdag na was er bedroevend weinig belangstelling. Ik vraag me af hoe ARTchipel verdergaat. Ook Kees 't Hoen, die twee jaar geleden een galerie opende vlak bij ons KunstKantoor, geeft de pijp aan Maarten. Commercieel gezien zit er weinig kunstmuziek in het noordoosten van Friesland. Gelukkig hebben hij en wij contacten gelegd en zal er nog wel samengewerkt worden, in een of andere vorm, in een ander deel van het land wellicht.

Maar gelukkig hoef ik niet commercieel te werken, dus ik ga vrolijk verder: het koopcontract voor mijn nieuwe huis-met-atelier-en-zelfs-expositieruimte is getekend, volgende week vindt de overdracht plaats. De nieuwe locatie is in Paesens-Moddergat. Ja, dat is een dorpje verderop. Maar het is dichter bij de zeedijk en die eindeloze, uitzichtloze leegte die mij zo fascineert...

Bij gelegenheid van de verhuizing verander ik ook de naam van mijn blogspots, en er komt een blogspot bij (klik hierboven op actueel): ik ga verder als STUDIO TRUE NORTH.

vrijdag 21 september 2012

Een dilemma. Naar aanleiding van een gedachtewisseling met A.S. Over het aankopen van kunst, van iets dat je mooi vindt, dat je zou willen "hebben". 

Ik weet dat ik het eeuwige leven niet heb. Beter gezegd: dat ben ik mij bewust, véél meer dan toen ik nog jong en levenskrachtig was (dan 'weet' je dat ook wel, maar je bent het je niet bewust). Ik kwam schitterende kleurenetsen tegen, waarvan ik er minstens één zou willen "hebben'' - maar. Na mijn dood vallen ze hoogstwaarschijnlijk in handen van mensen die de waarde en de schoonheid ervan niet inzien, hoogstens geïnteresseerd zijn in de geldswaarde ervan. Moet ik die etsen dan wel kopen, vraag ik mij af?

A.S.: "Dat maakt me niet uit. Wat belangrijk is, is dat ik er nú van kan genieten. Wat mijn nakomelingen er van vinden, en er mee doen, interesseert me niet."

A. heeft een punt. Maar aan de andere kant: die dingen hebben niet alleen waarde en betekenis voor mij - ze hebben wellicht ook een intrinsieke waarde. En daarom mogen de dingen die ik bij leven wil "hebben" na mijn dood niet in handen vallen van mensen die de intrinsieke waarde ervan niet inzien. Koop ik die dingen dan toch, in de wetenschap dat ze na mijn dood worden verkwanseld of zelfs gewoon weggegooid, dan pleeg ik verraad aan de schoonheid en de waarde van die dingen die die dingen 'eigen' zijn.

Sleutelwoorden in deze zijn ik en mij, en intrinsieke waarde (waarde der dingen die 'ik' en 'mij' overstijgt). Ik kom er niet uit. Toch moet ik hier binnenkort wel uit zien te komen. Ik sta namelijk op het punt wat dingetjes te kopen (nee, niet die etsen waar ik het over had.)

De echte vraag is natuurlijk, in de praktijk: aan wie laat ik het spul na, zodat die intrinsieke waarde ervan wél recht gedaan wordt? Tja. Ik heb ooit eens een aanbod gekregen om mijn nalatenschap te beheren, van mensen met wie ik nu helemaal niets meer te maken wil hebben. Dus de vraag blijft: 

da capo al fine


Maar natuurlijk hebben de dingen geen intrinsieke waarde. De dingen hebben alleen waarde, en schoonheid, en betekenis in onze ogen. Let hierbij vooral ook op het woordje onze. De dingen hebben hoogstens een intersubjectieve waarde: ze zijn mooi, en waardevol, omdat ze dat niet alleen voor mij zijn, maar voor nog een heleboel andere mensen. Als ik dus respectvol om wil gaan (en om wil laten gaan) met de dingen die ik heb (zelfs nadat ik heb opgehouden te bestaan), dan is dat in de grond van de zaak omdat ik respectvol om wil gaan met mijn medemensen. Zoals ik, omgekeerd, van mijn medemensen respect verlang. Ook hier geldt Levinas: de categorische imperatief is het gelaat van de ander. Misschien is daarom portretkunst wel de hoogste vorm van cultuur.

vrijdag 17 augustus 2012


Het atelier stinkt naar verf van de HEMA. Sokkeltjeschilderen. Hoort er ook bij.  Ten behoeve van de groepsexpositie van onze kunstenaarsgroep ARTchipel, de hele maand september in het pand aan de Vleesmarkt nr 13 in Dokkum, recht tegenover het oude Raadhuis aan de overkant van het water. Kijk maar op www.artchipel.nl . Ik zit er elke donderdagmiddag. HOMUNCULUS is er te zien. Als ik godverdomme het vuur eens in mijn voetstappen durf te zetten!

(En nu moet er een stukje volgen over mijn lidmaatschap van ARTchipel, over hoe dat zo gekomen is, en hoe zich dat verder ontwikkelt. Dat heeft te maken met mijn zelfbeeld, mijn zelfverstaan als kunstenaar, dus met al mijn onzekerheid, mijn minderwaardigheids-complex, de 'opmerkelijke' manier waarop ik soms reageer op mensen en situaties, even zo 'opmerkelijke' reacties van mensen op mij, enzovoort. Daar heb ik dus even tijd voor nodig. Want hoewel ik weet hoezeer dat constituief is voor wie ik ben in deze wereld, als kunstenaar en als medemens - ik blijf het moeilijk vinden om daar de juiste, uitgewogen woorden voor te vinden. Dat komt dus nog wel, vermoedelijk. Nu voorlopig alleen maar: sokkeltjeschilderen - want op zo'n sokkeltje staat de hele boel te kijk.)